Artikel over een stageperiode met bijdrage vanuit het Educatiefonds, Januari-Juni 2019.

Door Michelle Vergeer, freelance schilderijenrestaurator

Het afgelopen jaar heb ik mede door een bijdrage uit het Educatiefonds de kans gehad om te werken in de ateliers van het Statens Museum for Kunst in Kopenhagen (SMK). Dit is een plek waar een diverse collectie van oude meesters tot moderne en hedendaagse kunst langskomt in de ateliers. Van in hoog tempo werken aan de vele bruiklenen tot de tijd nemen voor een uitgebreidere restauratiebehandeling met bijbehorend onderzoek samen met het Center for Art Technological Studies and Conservation (CATS); het was een kans om volledig mee te draaien in de dagelijkse gang van zaken.

In dit artikel wordt één project in het bijzonder uitgelicht: de restauratie en de onderzoeksresultaten van twee olieverfschilderijen uit het atelier van Pieter Brueghel de Oudere (1525-1569) en Pieter Brueghel de Jongere (1564-1638). Beide schilderijen zijn op een koperen paneel geschilderd en verbeelden een zeer gedetailleerd uitgewerkte voorstelling. Het Winterlandschap (17,4 x 25 cm) (Afb. 1) is een kopie naar een groter schilderij op een houten paneel geschilderd door Brueghel de Oudere in 1565 dat zich in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Brussel bevindt. Dit paneel is vele malen gekopieerd: er zijn 128 versies bekend. Deze versie in de collectie van het SMK op koper is bijzonder, omdat het één van de weinige is waar ook het Bijbelse thema van de vlucht naar Egypte is afgebeeld. Maria, Jozef en de ezel zijn zichtbaar (Afb. 2) als de kleine figuurtjes voor het okerkleurige huis aan de linkerkant. Het tweede schilderij (27,3 x 35,9 cm) is gedateerd 1602 en verbeeldt het verhaal van Het Laatste Oordeel (Afb. 3): aan de linkerzijde worden de mensen opgenomen in de hemel, aan de rechterzijde zijn de gruwelen van de hel tot in de kleinste details afgebeeld (Afb. 4). [1]

[1] ©Statens Museum for Kunst. Alle afbeeldingen in dit artikel zijn gebruikt met toestemming van het Statens Museum for Kunst.

Afb. 1. Winterlandschap voor restauratie.
Afb. 2. Detail uit Winterlandschap met Maria, Jozef en de ezel.
Afb. 3. Het Laatste Oordeel voor restauratie.
Afb. 4. Detail uit Het Laatste Oordeel
Techniek

Net zoals er bij schilderijen op een houten drager onderzoek gedaan wordt naar oorsprong en veldatum van de boom met behulp van dendrochronologie, kan ook bij koper onderzocht worden wanneer en waar het koper uit een mijn is gehaald. Deze techniek, chalcochronology, wordt door Arie Pappot toegepast voor zijn PhD onderzoek naar de geschiedenis van het gebruik van koper en koperlegeringen in (voornamelijk) de Nederlandse Republiek tijdens de Gouden Eeuw.[1]  Met behulp van Röntgenfluorescentie (XRF) is de elementaire samenstelling van de koperen plaat onderzocht en vergeleken met een referentiedatabase. Door de hoeveelheid en verhouding van de verschillende elementen kan op deze manier zowel datering als de vermoedelijke bron van het koper vastgesteld worden. Hieruit is gebleken dat het koper in ieder geval voor 1590 uit een mijn is gehaald in Neusohl, een plaats in het huidige Slowakije.

Om koperen platen te kunnen gebruiken voor schilderijen werden ze in de zeventiende eeuw met een hamer bewerkt om ze vlak te krijgen. De zijde waarop de verflagen werden aangebracht werd vervolgens vaak iets ruwer gemaakt door schuren of krassen, om een goede hechting met de verf te bewerkstelligen. Sporen hiervan zijn zichtbaar als horizontale krassen in het koper bij de lacunes in de verflagen (Afb. 5). Vervolgens werden verflagen direct op de koperen plaat aangebracht. Beide schilderijen hebben een olieverfgrondering van loodwit met enkele zwarte en aardpigmenten. Krijtlijmgronderingen, zoals vaak gebruikt bij schilderijen op een houten drager, worden bij koper over het algemeen vermeden omdat deze door het aanwezige vocht voor corrosie zouden kunnen zorgen.

Het spiegelgladde oppervlak van het koper zorgt ervoor dat de details in de voorstelling minutieus uitgewerkt konden worden. De verflagen zijn zeer glad en zonder impasto aangebracht en het vernis zorgde ervoor dat er een egale glans en verzadiging over het gehele oppervlak zichtbaar was.

[1] https://www.nicas-research.nl/individual-projects/copper-in-the-dutch-golden-age.html

Afb. 5. Zichtbare krassen in de koperen plaat om een goede verfhechting te verkrijgen.
Conditie

Ondanks dat beide schilderijen ruim 400 jaar oud zijn, is er met het blote oog amper craquelé in de verflagen zichtbaar. Een koperen drager ondergaat in tegenstelling tot canvas of hout weinig volumeveranderingen bij schommelingen in de relatieve vochtigheid en heeft een vergelijkbare expansiecoëfficiënt als de verflagen. Dit maakt het koper een stabiele drager waarbij maar weinig craquelé in de verf ontstaat.

Het koper buigt echter gemakkelijk en op deze manier kan schade ontstaan. Door onvoorzichtig hanteren en doordat beide schilderijen waren ingelijst met behulp van spijkers die lokaal druk uitoefenden zijn de dragers verbogen. Dit is met name bij het Laatste Oordeel problematisch (Afb. 6). Het schilderij is dermate krom dat opnieuw inlijsten lastig is. Wanneer een inlijstsysteem gebruikt zal worden waar lijstveren lokaal druk uitoefenen op de drager om deze vlak in de lijst te plaatsen, zal er mogelijk meer schade ontstaan in de fragiele verflagen. Bij beide schilderijen zijn er al lacunes aan de randen, doordat ze langs de sponning van de lijst schuurden. Deze opstaande verflagen zijn fragiel en moeten geconsolideerd worden.

Verder zijn de problemen van deze twee schilderijen voornamelijk van esthetische aard. Beide schilderijen hebben een vergeeld donker vernis en verkleurde overschilderingen die in het oog springen. De vele details en de heldere kleuren in de voorstelling zijn hierdoor lastig waar te nemen.

Afb. 6. Onderaanzicht van Het Laatste Oordeel, waarbij de kromming van de drager te zien is.
Restauratiebehandeling

Tijdens de restauratie is de conditie op bovengenoemde punten verbeterd en is er uitgebreid onderzoek gedaan naar geschikte behandelmethodes voor schilderijen op koper. Met name de publicatie Paintings on copper and other metal plates[1] die naar aanleiding van een conferentie in Valencia in 2017 is gepubliceerd was hierbij een bron van informatie over materialen, technieken, degradatieproblemen en mogelijke behandelingen.

Bij de restauratie van schilderijen op koper is het belangrijk om materialen op waterbasis zoveel mogelijk te vermijden om corrosie te voorkomen. Dit betekent dat lijmen op waterbasis, zoals steurlijm, gelatine of Lascaux’ Medium for Consolidation niet gebruikt konden worden om de verflagen te consolideren. Voor consolidatie is in dit geval gekozen voor Paraloid B72 opgelost in aromatische oplosmiddelen. Met behulp van een microscoop en een klein penseel kon het aan de randen van de lacunes worden aangebracht om vervolgens met een siliconen spatel de verflagen vast te zetten. Na consolidatie is los oppervlaktevuil van het schilderij verwijderd met droogreinigingstechnieken (Afb. 7).

[1] Paintings on copper and other metal plates. Production, degradation and conservation issues. López, L., Blanco, I.C, Martín, M.F.S, Vázquez de Ágredos Pascual, M.F, Carlyle, L, & Wadum, J. (ed.) Valencia: Universitat Politecnica de Valencia, 2017

Afb. 7. Detail tijdens het verwijderen van oppervlaktevuil.

Vervolgens zijn het vernis en de overschilderingen van beide schilderijen verwijderd (Afb. 8 en 9). Door de vernisafname zijn de heldere kleuren van de schilderijen weer zichtbaar geworden: de sneeuw is weer wit, de lucht weer blauw en de vele kleine details zijn weer beter zichtbaar. Zo bleek er bij Het Laatste Oordeel nog een extra poort in de donkere achtergrond te zijn die eerder niet zichtbaar was.

Afb. 8. Het Laatste Oordeel halverwege vernisafname.
Afb. 9. Winterlandschap halverwege vernisafname.

Alvorens over te gaan tot vullen en retoucheren is een tussenvernis aangebracht. Het verfoppervlak krijgt hiermee een egale verzadiging, waardoor retoucheren gemakkelijker wordt. Ook functioneert het als een isolatielaag om vullingen en retouches te scheiden van de verflagen.

Voor het vullen van de lacunes is onderzocht welke materialen en methodes het meest geschikt zijn voor deze twee schilderijen.  Aan de hand van het onderzoek van Daniel Vega[1] en contact met Leslie Carlyle is er uiteindelijk een vulmateriaal gemaakt bestaande uit Cosmoloid H80, Regalrez 1126 en toegevoegde pigmenten (Afb. 10). De eigenschappen en applicatie van dit materiaal zijn vervolgens vergeleken met andere vulmaterialen zoals de Gamblin Pigmented Wax Resin Sticks en Liquitex Gesso. Verschillende tests zijn uitgevoerd op koperen plaatjes, waarbij gelet is op de hanteringseigenschappen van het materiaal, uiterlijk en hoe gemakkelijk de vullingen bewerkt en verwijderd konden worden (Afb. 11).

[1] Vega, D. ‘Investigation and testing to develop an infill formula suitable for oil paintings on copper.’ In: Paintings on copper and other metal plates. Production, degradation and conservation issues. López, L., Blanco, I.C, Martín, M.F.S, Vázquez de Ágredos Pascual, M.F, Carlyle, L, & Wadum, J. (ed.) Valencia: Universitat Politecnica de Valencia, 2017

Afb. 10. Zelfgemaakte was-hars sticks in verschillende kleuren.
Afb. 11. Tests voor vullingen op een koperen plaat.

Uiteindelijk is gekozen om de zelfgemaakte was-hars sticks te gebruiken. Deze hebben als voordeel dat ze niet op waterbasis zijn (zoals de gesso) en geen bijenwas bevatten (zoals de Gamblin sticks) waarvan de zure component mogelijk schade toe kan brengen aan de koperen drager. De vullingen kunnen gemakkelijk met een warme naald of spatel worden aangebracht en worden bewerkt met een houten prikker (Afb. 12). Een ander voordeel is dat de kleur en consistentie van de vullingen geheel naar wens kan worden aangepast door te variëren met de (hoeveelheid) pigmenten die eraan toegevoegd wordt. Om te voorkomen dat de vulling na aanbrengen nog over het oppervlak zou kunnen worden uitgesmeerd tijdens retoucheren of vernissen zijn de vullingen geïsoleerd met een laagje Paraloid B72.

Afb. 12. Aanbrengen van de vullingen met een warme naald.

Door voor een grijze vulling te kiezen die enigszins overeen komt met de kleur van de grondering, is het retoucheerproces met Gamblin Conservation Colours vergemakkelijkt. Een slotvernis bleek bij beide schilderijen nodig om de glans verder te egaliseren. De slotvernis is aangebracht als spray om te voorkomen dat het einderesultaat te glanzend zou worden en om het oplossen van de vullingen of retouches te vermijden.

Afb. 13. Het Laatste Oordeel na restauratie.
Afb. 14. Winterlandschap na restauratie.
Fotogrammetrie voor het inlijsten van kromme panelen

Het is lastig om de schilderijen goed in te lijsten, omdat de koperen dragers zo krom zijn. Zonder lokaal te veel druk uit te oefenen op de verflagen moeten ze goed ondersteund in hun lijst geplaatst worden. Daarom is onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van 3D-fotografie en het vervaardigen van een driedimensionale drager, die deze kromming exact volgt en die de druk van het inlijsten gelijkmatig verdeeld over het oppervlak. Om dit te bereiken is er gebruik gemaakt van fotogrammetrie. Dit is een techniek waarbij aan de hand van honderden foto’s per object een 3D-model wordt gemaakt.

In het geval van Het Laatste Oordeel zijn er 800 foto’s gemaakt door Rigsters, een bedrijf dat zich heeft gespecialiseerd in 3D-scanning services en fotogrammetrie (Afb. 15). Deze foto’s worden in fotogrammetrie-software verwerkt, waar een computeralgoritme identieke aspecten herkent op de verschillende foto’s en deze aspecten in een digitale 3D-ruimte verwerkt. Het resultaat is een ‘point cloud’: een cluster van soms miljoenen punten die de gehele geometrie van het gescande object representeert. De data van dit model kan worden omgezet naar een set coördinaten om computergestuurde machines te programmeren. Op deze manier is een stuk schuim uitgesneden dat exact de curve van de koperen plaat volgt. De gefabriceerde drager dient als een tray die in de lijst geplaatst kan worden, maar kan tegelijkertijd ook gebruikt worden om het schilderij veilig te transporteren en op te slaan in de ateliers.

Afb. 15. Fotogrammetrie van Het Laatste Oordeel.

Een bijkomend voordeel van fotogrammetrie is dat dezelfde point cloud die gebruikt is om het 3D model te maken ook gebruikt kan worden om een 3D-visualisatie te maken. Deze visualisatie is online beschikbaar gemaakt.[1] Op deze manier kan fotogrammetrie ook gebruikt worden om de collectie te digitaliseren. Deze visualisatie kan zowel door museum professionals gebruikt worden voor bijvoorbeeld het uitvoeren van conditiechecks, maar ook getoond worden aan het museumpubliek. De gebruiker kan inzoomen op de minuscule details van de schilderijen en kan zelfs de achterzijde van de objecten bekijken. Dit voegt een compleet nieuwe dimensie toe aan de ervaring van het schilderij in de tentoonstellingen. De resultaten van dit onderzoek worden gepresenteerd op de Analysis and imaging techniques in the conservation of art, cultural and natural heritage conferentie eind oktober in Kopenhagen.[2]

[1] Sketchfab pagina van Rigsters: https://sketchfab.com/3d-models/the-last-judgement-bf63ef9e7edf477c85775e0fd6af0189 (Aug. 2019)

[2] NKF symposium 2019: https://nkf-dk.dk/kalender/37/  (Aug. 2019)

Tot slot

Een half jaar bij het SMK gaf niet alleen de gelegenheid om de restauratiebehandeling van onder andere de twee koperschilderijen uit te voeren, maar ook om samen te werken met de restauratoren in de ateliers en de onderzoekers bij het CATS. Uiteraard gaat mijn dank uit naar al mijn oud-collega’s, maar in het bijzonder naar Anne Haack Christensen, met wie ik altijd kon sparren over de behandeling. Ook wil ik het Educatiefonds bedanken voor haar bijdrage om dit verblijf mogelijk te maken.

Vragen over dit artikel? Mail naar info@vergeerschilderijenrestauratie.nl